Gameberichtgeving in de kranten en de ‘gamerskrant’ in context
Metareporter en games
Bij Metareporter zijn we van 15 September tot 10 December met een groep van ongeveer vijftig studenten bezig geweest met het aggregeren van nieuwe media artikelen afkomstig van twaalf Nederlandse kranten in onze database. Ons doel was niet alleen om aan de hand van tags zicht te krijgen op het aantal artikelen die over nieuwe media gaan, maar ook over welke onderwerpen deze nieuwe media artikelen gaan. Zo waren dit jaar Wikileaks, Facebook en Twitter het populairst. De populairste tag van 2009 was de tag ‘game’. Dit jaar staat deze tag pas op de 11de plaats, maar zoals ik al in een eerder artikel schreef is deze gefragmenteerd.
Om de ‘game’ tag in volle glorie te herstellen heb ik de gefragmenteerde stukjes bijeengeraapt en samengevoegd om te weten te komen hoeveel er nu precies is geschreven over games in de Nederlandse dagbladen. Om het uit te rekenen gebruik ik alle gamegerelateerde tags die te vinden waren. Hierbij zoek ik specifiek naar unieke berichten, er is dus ook rekening gehouden met het feit dat er soms meerdere gamegerelateerde tags in één bericht zitten.
De bovenstaande grafiek toont in het rood hoeveel unieke berichten over games elk dagblad heeft gepubliceerd. De groene balkjes geven het percentage gameberichten in verhouding met het totale aantal nieuwe media berichten aan. De Pers heeft dus zowel absoluut als procentueel het meest over games geschreven. Het valt gelijk op dat de drie gratis dagbladen bovenaan staan. Dit heeft waarschijnlijk met de doelgroep (voornamelijk studenten) te maken. Het is opvallend dat de NRC Next, die ook een jonge doelgroep heeft, zo weinig aandacht heeft besteedt aan games. Dit ondanks dat ze gamespecialist Niels ’t Hooft in hun gelederen hebben. Op de website (blog) van deze krant zijn veel meer gameberichten te vinden. Het verschil is mogelijk ontstaan omdat Metareporter alleen naar de krant kijkt, of mogelijk hebben mijn collega’s niet goed geaggregeerd. Verder is het niet verrassend om te zien dat het Reformatorisch Dagblad en het Financiële Dagblad onderaan staan, ook dit komt waarschijnlijk door hun respectievelijke doelgroepen.
De laatste kwantitatieve data die ik wil bieden is een vergelijking met vorig jaar. De onderstaande grafiek toont deze vergelijking. Opvallend is dat het totale aantal berichten tussen de twee meest recente jaren bijna precies hetzelfde aantal is. Waar het er in eerste instantie op leek dat er minder over games was geschreven in 2010, waren alle gamegerelateerde tags bij elkaar uiteindelijk 222. Dit in vergelijking met 144 in 2009 en 62 in 2008, een mooie stijging.
Gamerskrant: een vergelijking van de inhoud
De algemene cijfers geven aan dat De Pers nog steeds de absolute ‘gamerskrant’ is. Ik ga dit verder toetsen door te kijken naar de inhoud van hun berichten en een vergelijking te maken met een andere krant. De Pers lijkt namelijk een uitzondering op de regel te zijn wat betreft gameberichtgeving, waardoor het nuttig is om te kijken hoe een andere krant hiermee omgaat. De keuze van de andere krant is gevallen op Metro. Ondanks dat Metro de derde plaats bezet, is het een typerend voorbeeld van gameberichtgeving in de kranten. In mijn vorige analyse maakte ik een indeling van de inhoud van De Pers over September en Oktober. Onderstaande grafiek betreft de gehele aggregatie periode (15 Sep – 10 Dec).
Achtergrond: Dit is een meer diepgaand artikel van een gamejournalist over iets in de game-industrie dat hem/haar is opgevallen of een uitgewerkt nieuws artikel.
Review: Definitieve beoordeling van een game.
Preview: Een korte indruk van een game die nog moet uitkomen, slechts impressies over een spel met nog geen uitsluitend oordeel.
Nieuws: Kort nieuwsbericht. Meestal over verkoopcijfers, aankondigingen, opmerkelijke en/of grappige gebeurtenissen.
De Pers heeft een steevaste structuur voor hun wekelijkse games katern. Zo wordt de bovenste helft van de pagina gevuld met een achtergrondbericht en de onderkant met een paar nieuwsberichten. Af en toe zit er ook een (p)review tussen. De cijfers geven geen ander beeld dan de cijfers van een maand geleden. De grafiek geeft nog steeds een vertekend beeld dat De Pers zich vooral op nieuws zou concentreren. De achtergrond verhalen zijn echter vele malen langer dan de nieuwsberichten, waardoor ze puur qua aantal woorden misschien niet ver onder het aantal woorden staan die aan nieuws worden besteed. Opvallend waren ook het relatief kleine aantal previews en recensies. Hoofdredacteur van de katern, Arjan Terpstra, heeft in de katern zelf aangegeven waar dat aan ligt:
- De Pers krijgt de games heel kort op de releasedatum, hierdoor zouden ze heel laat zijn met een recensie. Dan is er weinig interesse van gamers meer.
- De Pers kan weinig argumenten vinden om sequels te bespreken, omdat het meer van hetzelfde is en dat is geen nieuws.
- De Pers vindt dat er buiten de blockbuster games veel leukere dingen gebeuren waar over geschreven moet worden.
Bovendien is het format van de krant minder geschikt voor uitgebreide spel besprekingen. Gamers lezen vermoedelijk liever uitgebreide recensies op internet die tot in de details ingaan, dan passant in een krant die vooral tijdens een treinreis wordt gelezen. Door dit alles zou ik stellen dat De Pers zich vooral focust op interessante en gevarieerde verhalen uit de games industrie. De focus ligt op een breed publiek en niet zozeer op de hardcore gamer, er zijn namelijk veel stukjes over ‘casual games’ en Nederlandse gameontwikkelaars.
Wat betreft de kwaliteit van de game ‘journalistiek’ zal ik geen hard oordeel plaatsen. Wel valt er het een en ander over te zeggen.
‘The discrepancy is sometimes considered to be so major that game critics refuse to refer to themselves as “journalists”, and some prefer to talk about “game writing” instead of game journalism, whereas others label themselves as “game critics” to steer away from the more rigid understanding of journalism as an objective realm free from external (i.e. industry) influences. To signal a clear break with news journalism, Carlson speaks of the “enthusiast gaming press”, a notion which emphasizes the close relationship game journalism holds relative to game fandom.’1
Deze quote van David Nieborg werd vorig jaar ook aangehaald. Ik zal niet stellen dat De Pers zich ‘schuldig’ maakt aan dit of dat het pretendeert serieuze game journalistiek te bedrijven, maar een denkbaar kritiekpunt is dat bijna alle (p)reviews en achtergrondberichten geschreven zijn door Arjan Terpstra, hierdoor is het wat eenzijdig. De mening van deze schrijver sijpelt namelijk duidelijk en herkenbaar door in zijn berichten. Het volgende is voornamelijk subjectief, maar in dit artikel zie je dat er hier en daar soms wat aan mankeert (ik heb een reactie achtergelaten op dat artikel). Verder is De Pers een voorbeeldige uitzondering wat betreft gameberichtgeving in de Nederlandse dagbladen.
Metro heeft ook een wekelijkse katern, maar het verschilt van De Pers in dat het hier en daar een week overslaat. Het staat ook niet vast dat de katern een hele pagina hoeft te zijn waardoor het vaak korter is. Nog een verschil is dat de katern in Metro ook gevuld wordt met gamegerelateerde reclame die vaak even groots aanwezig is als de content zelf. Dit geeft de indruk dat de katern gesponsord is. Net als De Pers besteedt ook Metro veel aandacht aan achtergrondartikelen, voor de andere categorieën is er echter amper aandacht.
Een vaak gehoord kritiekpunt, dat ook bevestigd wordt door Nieborg bij navraag na een van zijn lezingen, is dat de kranten games niet ‘serieus’ nemen, zeker in vergelijking met andere vormen van entertainment. Dit geldt ook voor Metro, op het entertainment gedeelte van metronieuws.nl is er een aparte afdeling gemaakt voor muziek, film, televisie, theater en boeken. Gameberichten hebben geen aparte afdeling en worden tussen alle andere berichten geplaatst. Dit heeft waarschijnlijk simpelweg te maken met het feit dat er überhaupt veel minder gameberichten zijn vergeleken met al die andere entertainmentvormen.
Er is inmiddels al iets veranderd bij Metro. Op 8 December is een samenwerking met de Power Unlimited (het grootste games magazine van de Benelux) van start gegaan. Sindsdien worden de berichten van woensdag geschreven door PU-redacteur Jan Meijroos en is er geen week meer overgeslagen. Voordeel van dit alles is de toegenomen consistentie en dat de content nu door een ervaren game journalist wordt verzorgd. Nadeel is dat het net als in De Pers eenzijdig is, alles wordt door dezelfde man geschreven. Bovendien heeft de katern nu nog meer een gesponsorde indruk door alle Power Unlimited logo’s en Free Record Shop advertenties .
Conclusie
Gameberichtgeving is de laatste twee jaar (zie grafiek) exponentieel gegroeid. De drie gratis dagbladen hebben inmiddels een vaste katern van één (soms halve) pagina per week. Uitgezonderd van misschien De Pers loopt gameberichtgeving nog steeds ruim achter bij berichtgeving van andere culturele vormen zoals muziek, film en televisie. De betaalde kranten besteden nog steeds slechts sporadisch aandacht aan games ondanks hun enorme groei in populariteit.
Het is onduidelijk of games in de toekomst meer ruimte zullen krijgen en er meer game journalisten zullen worden aangenomen. Er lijkt namelijk een generatiekloof aanwezig te zijn. Over andere media werd traditioneel altijd al over in de krant geschreven. Games zijn echter veel dichter bij de tijd van het web geboren en hebben daarvan hun natuurlijke thuis gemaakt. Bovendien is het een medium dat vooralsnog voornamelijk jongeren interesseert. De gemiddelde leeftijd van een speler is inmiddels volgens ESA wel gestegen naar 34 jaar en de gemiddelde leeftijd van de meest frequente game aankoper is 40 jaar. Het lijkt slechts een kwestie van tijd voor gamers zelf de eigenwijze ouderen zullen worden, games zelf ook volwassener worden, meer erkenning krijgen en dus óók hun rechtmatige plaats in de kranten. Als die dan nog bestaan tenminste.
- Nieborg, D. en Shioven, T. The new gatekeepers: The occupational ideology of game journalism. DiGRA 2009 [↩]






Leave a Reply