Gelukkig hebben wij de foto’s ergens anders

photo credit: Gret@Loren
Vroeger was alles beter. Nostalgie en de hang naar het verleden lijkt in deze ‘fast-pace and rapidly changing’ maatschappij zijn hoogtij te vieren. In het gehele medialandschap is nieuwer, vernieuwing en innovatie het toverwoord en struikelen wij om de haverklap over het nieuwste technologische hoogstandje.
Dit nostalgische gevoel lijkt aanwezig te zijn bij Matthijs Meeuwsen in zijn artikel ‘Gelukkig hebben we de foto’s nog’ . Hij wil terug naar de tijd waarin de ‘kiekjes’ van de vakantie nog ouderwets na een aantal weken bij de drogist of fotoservice moest worden opgehaald, wat met de komst van de digitale fotocamera teniet is gedaan. Foto’s moeten worden opgehangen in de huiskamer en worden getoond aan vriend en familie en niet in vergetelheid raken op een usb-stick, map op de pc of externe harde schijf. Hij biedt dan ook een aantal alternatieven aan zoals het laten printen op canvas of als collage op de achtergrond van je computer om dat oude gevoel terug te kunnen krijgen. Hij wil terug naar de tijd waarin stoffige fotoalbums tevoorschijn moesten worden gehaald om je foto’s te kunnen tonen. Maar is dit nostalgische gevoel niet achterhaald?
Nostalgie naar het oude lijkt in een domein als nieuwe media onvermijdelijk, een domein waar stilstand gelijk staat aan achteruitgang en nieuwe ontwikkelingen met gejuich wordt ontvangen. Media critici betogen dan ook dat nieuwe ontwikkelingen als het Web, virtual reality en computer graphics zich onderscheiden van oudere media door andere culturele principes en esthetiek, en dan ook anders moeten worden beoordeeld. Bolter & Grusin pareren deze kritiek door te stellen dat nieuwe en oude media een grote link met elkaar hebben:
‘we are experiencing a complex and infinitely diverse range of transformations where new and old practices and media technologies become mutually linked and fused in an ongoing blizzard of change’ (Graham 2004: p. 4).
Dit idee noemen zij ‘remediation’: visuele media als het Web en virtual reality zijn niet los te zien van oudere media als televisie, film en zelfs schilderij en fotografie maar ‘achieve their cultural significance precisely by paying homage to, rivaling, and refashioning such earlier media’ (Bolter & Grusin 2000: p. 1). Nu is het te gemakkelijk te zeggen dat de journalist zijn nostalgische gevoelens opzij moet zetten omdat digitale fotocamera’s nou eenmaal een ‘remediation’ zijn van oude analoge camera’s. De connectie tussen digitale fotocamera’s en remediation is veel complexer dan slechts een nieuwe ontwikkeling die eigenschappen van oudere media met zich meeneemt.
Ook het web moet hierbij worden betrokken. Het Web en het virtuele zijn niet slechts remediations van oudere visuele media maar ‘cyberspace refashions and extends earlier media, which are themselves embedded in material and social environments’. Cyberspace als social space neemt de plek in van plaatsen als steden en parken en is hier een remediation van. Cyberspace neemt volgens hen dus steeds meer de functie van plaatsen als het park en de straat over als ontmoetingsplaats. Ook zij spelen met de gedachte dat het virtuele de realiteit steeds meer lijkt te vervangen. Zij gaan niet zo ver als te stellen, zoals in de virtuality hype werd gedaan, dat het een psychedelic experience of een Temporary Autonomous zone is, een plek die geheel los staat van onze realiteit en waar de mogelijkheden eindeloos lijken. Maar wel eentje die vele functies uit de realiteit geleidelijk.
Niet alleen de triviale handeling als het tonen en opslaan van foto’s heeft zijn weg gevonden naar het web, waar vakantiefoto’s zijn te vinden op persoonlijke Facebook en Hyves accounts. Maar ook sociale contacten, face to face contact en andere dagelijkse handelingen lijken steeds meer hun weg te vinden naar cyberspace of een andere space dan de realiteit. Maar ik geloof niet in doemscenario’s als de mens veranderend in cyborgs waarin virtuality onze wereld overneemt. Ik geloof meer in de regels van Woolgar: virtuele interacties voegen juist iets toe aan de realiteit , stimuleert ook echte interactie en onze identiteit bestaat zowel online als offline. Nostalgische gevoelens bij handelingen zoals die leven bij de journalist hebben, zonder dat wij dat ons beseffen, een ander aangezicht gekregen: op naar cyberspace!
Graham, Stephen. ‘Beyond the dazzling light. From dreams of transcendence to the remediation of urban life’. Sage Publications, jr. 6 (2004): p. 16-24
Bolter, Jay, Grusin, Richard. Remediation. Understanding new media. Cambridge: MIT Press, 2000.


One Response to “Gelukkig hebben wij de foto’s ergens anders”
Trackbacks
Leave a Reply